Spring naar inhoud

Bedrijfsvoering en financieel beleid

3.1 Bedrijfsvoering

Bedrijfsvoering

De bedrijfsvoering van Vanboeijen is ingericht op basis van een cyclisch beleidsproces dat aanvangt met het formuleren van strategische prioriteiten en speerpunten, conform de meerjarenstrategie. Vervolgens wordt een kader voor de begroting van het volgende jaar opgesteld. De RvB stelt deze kaders vast in overleg met het MT en er wordt afstemming gezocht met de RvT, OR, ZAR, CBR en CVR. Hierdoor ontstaat consensus over de te nemen maatregelen en de beschikbare financiële middelen binnen de begroting. Op basis hiervan worden de budgetten voor zorglocaties en ondersteunende diensten vastgesteld. De zorgvraag van cliënten vormt het uitgangspunt, wat middels een volumebegroting resulteert in een personele begroting. De uiteindelijke begroting wordt vastgesteld door de RvB en ter goedkeuring voorgelegd aan de RvT. De CBR en CVR brengen advies uit over de begroting, terwijl de OR de begroting ter kennisneming ontvangt.

Na goedkeuring van de begroting wordt het jaarlijkse rapportageproces opgestart, waarbij de voortgang van gestelde doelen periodiek wordt gemonitord met behulp van een business intelligence (BI)-tool om de actualiteit goed te kunnen volgen. Kwartaalrapportages en uiteindelijk een jaarverslag worden opgesteld met een integraal karakter. In 2025 is de methodiek van rolling forecasting verder toegepast, waarbij wij werken naar volledige invoering per 2027. Rolling forecasting is van toegevoegde waarde om proactief te kunnen sturen.

Risicomanagement

Risicomanagement krijgt voortdurend aandacht, zowel in de primaire als ondersteunende processen. Als uitgangspunt is gekozen om de verantwoordelijkheid voor zorg en bedrijfsvoering laag in de organisatie te leggen, binnen duidelijke kaders. Dit vereist een bewustzijn van risico's en een focus op kwaliteit van elke medewerker. De organisatie is ingericht volgens het principe van voortdurende verbetering. Actuele risico's worden geïdentificeerd en besproken op locatieniveau, in vergaderingen van het MT, binnen de RvB en in overleggen met de RvT. Er wordt nadruk gelegd op transparante verantwoording aan externe belanghebbenden. Vroegtijdige communicatie over risico's maakt tijdige bijsturing mogelijk.

De belangrijkste risico's voor Vanboeijen zijn inherent aan het primaire zorgproces, de eisen vanuit zorgfinanciering en overheidsregelgeving, de continuïteit van zorgverlening gezien de arbeidsmarkt en digitale veiligheid. Er wordt geïnvesteerd om deze risico's te beheersen, waarbij wordt gekeken naar de verhouding tussen dekking en mogelijke gevolgschade voor bedrijfscontinuïteit. Interne processen worden hierop afgestemd en indien nodig wordt externe expertise ingehuurd.

Bewust van het risico op fraude door zowel interne als externe partijen, implementeert Vanboeijen preventieve maatregelen. Vanboeijen wil mede vanwege de kwetsbaarheid van de cliënten risico’s zoveel mogelijk beperken. De interne gedragscode voor medewerkers (beschikbaar via intranet) wordt gehandhaafd, en identiteit en referenties worden gecontroleerd bij aanwerving. Een Verklaring Omtrent Gedrag (VOG) is verplicht voor alle medewerkers, inclusief ingehuurd personeel. Een klokkenluidersregeling is opgesteld en van kracht. Bij het inzetten van externe partijen wordt betrouwbaarheid getoetst. Daarnaast zijn interne processen en controlesystemen gericht op preventie en vroegtijdige detectie van afwijkingen. Er wordt gewerkt aan een integraal frauderisicobeleid mede om de getroffen beheersingsmaatregelen in diverse procedures in beeld te brengen en te harmoniseren.

Externe risicobeoordeling vindt op verschillende niveaus plaats, o.a. door jaarlijkse controles door accountants en beoordelingen door externe instanties. Ook het WfZ verricht jaarlijks een herbeoordeling om te bezien of het lidmaatschap van Vanboeijen kan worden gecontinueerd. Opvolging van bevindingen wordt adequaat uitgevoerd.

Veranderingen in zorgfinanciering en regelgeving vormen een continu risico, waarvoor ondersteunende processen en systemen worden aangepast. Innovatief denken en handelen zijn noodzakelijk om te kunnen inspelen op veranderende behoeften van bewoners, cliënten en hun familie.

Het continu monitoren van ontwikkelingen in de externe omgeving en het desgewenst actualiseren van de meerjarenstrategie om op deze ontwikkelingen in te spelen, is onderdeel van het risicomanagement. De continuïteit van zorg aan de bewoners en cliënten, de relatie met ouders en verwanten en externe stakeholders en het gezond houden van de eigen organisatie -gegeven de ontwikkelingen van de zorgvraag en de arbeidsmarkt- zijn de belangrijkste doelen in dit kader van de strategische koers 2025-2027.

Een digitaal veilige organisatie te zijn en te blijven is voor ons een belangrijk thema. We bereiden ons voor op de toekomst. Cybersecurity is voor ons een belangrijk onderwerp waarin we extra investeren om te kunnen voldoen aan de eisen die daaraan worden gesteld. In 2024 hebben wij het proces van NEN 7510 certificering afgerond met een certificering op enkele locaties (waaronder het centrale servicekantoor) en medio 2025 is Vanboeijen geheel gecertificeerd voor NEN 7510. Daarmee zetten wij een belangrijke stap vooruit in digitale veiligheid.

3.2 Financieel beleid

Algemeen financieel beleid

Het financiële beleid van Vanboeijen heeft als doel om binnen de wettelijke kaders van de Wlz, WMO en JW een betrouwbare en stabiele zorgaanbieder te zijn. Om dit te bereiken, is het jaarlijks noodzakelijk om een positief resultaat en daarmee toevoeging aan de algemene reserves te realiseren. Een belangrijke doelstelling is tevens de zorgexploitatie (uiterlijk vanaf 2027) minimaal sluitend te krijgen, zodat Vanboeijen niet afhankelijk blijft van een positief resultaat op kapitaal. Dit stelt Vanboeijen in staat om zowel het eigen vermogen op te bouwen tot een gewenst niveau als tegelijk te investeren in huisvesting en duurzaamheid, te innoveren en eventuele tegenvallers op te vangen. We boeken inmiddels vooruitgang in de verbetering van de zorgexploitatie.

Dankzij afspraken met haar bankfinanciers beschikt Vanboeijen in de komende jaren over voldoende liquiditeit voor geplande uitgaven en heeft zij tevens een buffer voor het opvangen van mogelijke risico's en onzekerheden. De liquiditeit verbetert gestaag door de acties die zijn ondernomen om de liquiditeitspositie verder te versterken.

Vanboeijen heeft een koers uitgezet om de belangrijkste ratio's zoals solvabiliteit, DSCR en EBITDA te verbeteren. Voor de solvabiliteit (het eigen vermogen als percentage van het totale balanstotaal) wordt een solvabiliteitsdoel van tenminste 25% nagestreefd. Belangrijke stakeholders, zoals het WfZ en financiële partners, hanteren dit niveau van solvabiliteit als richtlijn. Vanwege het toenemend belang van en aandacht voor cashflowontwikkeling, krijgt dit op verschillende manieren ook binnen Vanboeijen meer aandacht. Er is een treasurycommissie actief om sturing te geven aan het treasurybeheer, met name met het oog op vastgoedinvesteringen.

Ten aanzien van het gebruik van financiële instrumenten door Vanboeijen en voor zover zulks van betekenis is voor de beoordeling van zijn activa, passiva, financiële toestand en resultaat, worden de doelstellingen en het beleid van Vanboeijen inzake risicobeheer vermeld. Daarbij wordt aandacht besteed aan het beleid inzake de afdekking van risico’s verbonden aan alle belangrijke soorten voorgenomen transacties. Voorts wordt aandacht besteed aan de door Vanboeijen gelopen prijs-, krediet-, liquiditeits- en kasstroomrisico’s.

Exploitatie 2025

De goedgekeurde begroting voor 2025 voorzag een beperkt positief resultaat, opgebouwd uit een tekort op de zorgexploitatie (mede gezien het relatief zware profiel en de ontoereikende vergoedingen voor de complexe zorg) en een overschot op de kapitaalexploitatie. Het behaalde resultaat voor 2025 bedraagt € 4,3 miljoen positief en is daarmee beter dan begroot. Deze verbetering kon enerzijds worden behaald door het actief sturen op de kaders vanuit de kaderbrief en het uitvoeringsplan. We zien verbeteringen op diverse terreinen, met hogere opbrengsten en beperkt stijgende kosten.

Aanvullend droegen incidentele vergoedingen van het zorgkantoor inzake o.a. de uitbreiding van de complexe zorg en een nagekomen vergoeding van de Wlz overproductie 2024 van in totaal € 2,9 miljoen bij aan het positieve verschil. Ook zonder deze incidentele vergoedingen was de realisatie over 2025 beter dan begroot. De onderliggende structurele zorgexploitatie was in 2025 aanhoudend negatief, echter in 2025 positief door incidentele opbrengsten. Verder bleven de kosten voor ziekteverzuim hoog: het cumulatieve verzuimpercentage is enigszins beter dan over 2024, maar hoger dan begroot. Het verlagen van het ziekteverzuim blijft een speerpunt voor het management voor 2026.

Het bezettingspercentage van de woonplekken in 2025 verbeterde nog enigszins verder naar 97%, ten opzichte van 96,7% in 2024.

Balanspositie 2025

De balans van Vanboeijen toont het effect van het positieve resultaat in vermogen en liquiditeit. Voor Vanboeijen gelden per 31 december 2025, in vergelijking met 2024 en 2023, de volgende ratio’s:

Resultaatratio 2025 2024 2023
Resultaatratio (resultaat / totaal opbrengsten) 3,3% 3,4% -2,5%
       
       
Liquiditeit 2025 2024 2023
Current ratio (vlottende activa / kortlopende verplichtingen)  0,7   0,6   0,4 
       
       
Loan to Value 2025 2024 2023
Loan to value (langlopende leningen / vaste activa) 39,6% 45,7% 45,5%
       
       
Solvabiliteit 2025 2024 2023
Balansratio (eigen vermogen / balanstotaal) 35,0% 32,0% 27,3%
       
       
DSCR 2025 2024 2023
DSCR (betalingscapaciteit / financiële verplichtingen) 4,08 4,23  1,45 

De solvabiliteit is ten gevolge van het positieve resultaat verder verbeterd. De liquiditeit is licht gestegen maar blijft beperkt, mede door een hoog aflossingsniveau van de langlopende financiering en de gedeeltelijke eigen financiering van bouwprojecten. De loan to value is verder gedaald. De DSCR is enigszins lager dan in 2024. De DSCR en solvabiliteit zijn hiermee ruim boven de norm die is afgesproken met de financier.

Vanboeijen heeft een rekening-courantfaciliteit van € 4 miljoen. De rentes van de langlopende leningen staan vast voor een afgesproken periode. Vanboeijen maakt geen gebruik van afgeleide financiële instrumenten.

Verwachtingen 2026

In 2025 zijn wij gestart met de uitvoering van onze strategische koers 2025-2027. Deze koers is gebaseerd op actuele interne en externe ontwikkelingen en bevat gerichte keuzes voor zowel de korte als langere termijn. Een concrete opgenomen doelstelling in het veranderplan die terug komt in de nieuwe strategische koers is het uitgangspunt dat de zorgexploitatie vanaf 2027 minimaal sluitend moet zijn. Vanboeijen zet hier op verschillende manieren op in, zowel op de korte termijn via het sturen op een aantal belangrijke KPI’s in de bedrijfsvoering als ook op de langere termijn via de vorming Vanboeijen-cirkels en het huisvestingsplan.

Bij de financiële beoordeling van Vanboeijen door externe stakeholders en financiers wordt met name gelet op de meerjarige ontwikkeling van de solvabiliteit en de kasstroomontwikkeling. Het is voor Vanboeijen dan ook van belang om de komende jaren een stabiele ontwikkeling van de exploitatie te laten zien en tegelijk de zorgexploitatie te verbeteren. Een adequate financiering van complexe zorg (VG7) en meerzorg spelen hierbij een belangrijke rol. Daar is na de aanpassing van de vergoeding voor de VG7 in 2025 voor 2026 en verder een belangrijke stap in gezet met de ontwikkeling en invoering van VG7-plus.